Wat je moet weten over de vrijstelling van IPT-premies
Als creatieve ondernemer of jonge bedrijfsleider heb je waarschijnlijk wel eens gehoord van een Individuele Pensioentoezegging (IPT). Dit is een regeling waarbij een vennootschap premies stort voor de opbouw van een pensioen voor haar bedrijfsleider. Maar hoe zit het met de belastingvrijstelling van deze premies? 🤔
De basis: voordelen van alle aard
Premies voor een IPT maken in principe deel uit van de belastbare bezoldigingen van de bedrijfsleider. Dit betekent dat ze als voordeel van alle aard worden gezien en belast worden voor hun werkelijke waarde.
Uitzondering: de vrijstelling
Er is een vrijstelling mogelijk voor premies die betrekking hebben op bezoldigingen die regelmatig en minstens maandelijks worden betaald of toegekend vóór het einde van het belastbare tijdperk waarin de werkzaamheden zijn verricht. Maar wat betekent “betaald” of “toegekend” precies? 🤓
Betaald of toegekend: wat is het verschil?
De termen “betaald” en “toegekend” hebben hun eigen nuances. Betaald betekent dat het geld daadwerkelijk is overgemaakt, terwijl toegekend inhoudt dat de bedrijfsleider over de inkomsten kan beschikken zonder dat er per se een betaling heeft plaatsgevonden.
Het Hof van Beroep in Gent maakte in een recente uitspraak duidelijk dat beide termen aan dezelfde voorwaarden moeten voldoen: ze moeten regelmatig en minstens maandelijks plaatsvinden vóór het einde van het belastbare tijdperk. 🏛️
Het belang van periodiciteit
De periodiciteit van de bezoldigingen is essentieel voor de vrijstelling. Het Hof benadrukte dat betalingen of toekenningen regelmatig moeten zijn, vergelijkbaar met het salaris van werknemers, dat doorgaans maandelijks wordt uitgekeerd. Dit betekent dat er geen afwijkingen in de periodiciteit mogen zijn, zelfs niet voor bonussen of andere variabele inkomsten.
Praktijkvoorbeeld: een casus uit Gent
Een vennootschap betaalde in 2018 een IPT-premie van 52.000 EUR, maar de belastingdienst weigerde de vrijstelling omdat de bezoldigingen niet voldeden aan de periodiciteitsvereiste. De maandelijkse bedrijfsvoorheffing werd wel gefactureerd, maar de betalingen van de bezoldiging werden niet daadwerkelijk uitgevoerd. Het Hof stelde de belastingdienst in het gelijk omdat de toekenning of betaling niet regelmatig was, ondanks boekingen op een passiefrekening. 💡
Conclusie: wees voorbereid
Als je aanspraak wilt maken op de vrijstelling, zorg dan dat je betalingen of toekenningen van bezoldigingen aan alle voorwaarden voldoen. Regelmaat is de sleutel, en zorg ervoor dat je boekhouding dit kan onderbouwen.
Heb je vragen? Neem gerust contact op met je accountant of ons kantoor voor een zorgeloze pensioenplanning. 📞

